Internationaal Vrije tijd Interview Podiumkunsten

Nederland-Duitsland: Jonge Kunst laat zich niet kisten door corona

Door: Boudewijn Smid / 26 oktober 2020

Ga er maar aanstaan. Je hebt een ambitieus cultureel uitwisselingsprogramma, waarin jongeren in Deventer en Berlijn intensief zullen gaan samenwerken aan een danstheatervoorstelling en dan steekt corona een stok tussen de spaken. Dan kun je twee dingen doen: je hoofd buigen voor de omstandigheden, of juist de handschoen oppakken en je creativiteit loslaten op het nieuwe normaal. Het Theaterschip en de Duitse samenwerkingspartner ACADEMY deden het laatste.

Met Parallelle Perspectieven ontwikkelen het Theaterschip (Deventer) en ACADEMY (Berlijn) een uitwisselingsformat waarin jongeren met jonge professionals een voorstelling maken over een sociaal-cultureel relevant onderwerp. In het pilotjaar kozen drie jonge choreografen, in contact met de jongeren van beide instellingen, voor het onderwerp "(prestatie)druk”. 'We hebben ondanks corona, de kwaliteit hoog weten te houden.'

‘Het was vooral heel veel en snel schakelen.’

Productieleider Milou Brouwer

‘Vrijwel iedere week moesten we weer inspelen op een veranderde situatie en nieuwe keuzes maken. Ook moesten we de voors en  tegens van online samenwerken uitvinden. In het begin hadden we bijvoorbeeld Zoom de hele dag aanstaan bij elkaars repetities. Dat bleek eerder storend te werken dan dat het de uitwisseling bevorderde. Beter was het op momenten met gerichte vragen en opdrachten te komen,’ vertelt productieleider Milou Brouwer.

 

Tandempartner
In samenspraak met de tien deelnemende jongeren (vijf uit Deventer, vijf uit Berlijn) waren drie jonge makers tot het thema PPPressure gekomen. De bedoeling was dat de deelnemers elkaar voor een researchweek in augustus zouden ontmoeten in Deventer. Vooral door de vele besmettingsgevallen in Berlijn werd die op het laatste moment afgeblazen. Brouwer: ‘In ruil daarvoor kozen we ervoor iedere Nederlandse jongere een tandempartner toe te wijzen.'

'De choreografen bedachten voor deze koppels opdrachten in voorbereiding op de voorstelling. Zoals: lees elkaar voor het slapengaan een gedicht voor. Of: maak via Facetime een bewegingsreeks.’

Nieuwe bewegingen
Nina (25) was een van de Nederlandse deelnemers. Zij was gekoppeld aan de Duitse Svana. ‘We hebben veel gebeld en gevideobeld en zo samen scenes gemaakt en teksten geschreven. De combinatie was erg inspirerend. Zij heeft meer een dansachtergrond en ik ben echt een theaterdier. Helemaal geen danser of een sporter. Doordat we die reeksen moesten maken, leerde ik nieuwe bewegingen. Daarbij ga je andere dingen voelen en denken en leer je op een andere manier emoties uit te drukken. Dat is voor mij weer bruikbaar op het toneel.’
Natuurlijk vindt Nina het jammer dat ze nu de voorstelling niet in Duitsland kan spelen. ‘Die andere cultuur, dat maakt het interessant. Als je samen optreedt, ga je mengen, leer je bijvoorbeeld elkaars opwarmingstechnieken.’ Toch had het afstandelijke contact met haar tandempartner ook creatieve voordelen.

‘Doordat we elkaar veelal via de telefoon spraken, bleef de ander een soort mysterieus persoon, niet iemand waaraan je verantwoording hoeft af te leggen. Daardoor voelde ik me vrijer om me te uiten.’

Deelneemster Nina (25)

Contactmens
Choreograaf Elena Iachininoto begeleidde de vijf Nederlandse deelnemers. ‘Ik ben heel erg een contactmens, dus voor mij was het heel erg schakelen om vooral via app, mail en video contact te hebben. Het vergt meer voorbereiding. Ik heb geleerd heel duidelijk te zijn. Als je lijfelijk met elkaar in een ruimte werkt, kan je artistiek wat vager blijven. Nu moet je concreet zijn en dingen blijven herhalen.’ Niet alleen leerden de spelers van de makers, maar ook andersom. ‘Soms had ik een vastomlijnd idee in mijn hoofd en kwamen de spelers met iets anders, bijvoorbeeld een andere volgorde van de scenes,’ aldus Elena. ‘Ik heb veel geleerd mijn eigen voorkeuren los te laten. Je moet je voegen naar je materiaal en wat de spelers voor materiaal aandragen.’

Trots
De choreograaf is heel tevreden met het eindresultaat. De Nederlandse voorstelling is in Deventer gespeeld en in Berlijn als video vertoond en andersom is de Duitse variant in Berlijn gespeeld en in Deventer gespeeld. Beide gebruikten videobeelden uit de voorstelling van de ander in de eigen voorstelling. Ook productieleider Milou Brouwer is blij met het resultaat, én met het proces. ‘Ik ben er trots op dat we ons, ondanks corona, staande hebben weten te houden. Dat de kwaliteit ondanks de online samenwerking met onze nieuwe Duitse partner overeind is gebleven

Steeds weer hebben we gezocht naar kansen. Nooit hebben we gedacht: we gooien de handdoek in de ring. En dat zie je aan het eindproduct.’

Productieleider Milou Brouwer

Samenwerken met Duitse partner?

Heb je plan of zin om samen te werken met Duitse partner? De komende twee jaar zetten we de samenwerking met Fonds Soziokultur door. Jij en je Duitse partner kunnen bij beide Fondsen subsidie aanvragen.

Lees meer over samenwerking en subsidie
Boudewijn Smid
Boudewijn Smid